Rabobank – Boerenleen B.V.

procedure:
kort geding
instantie:
Rechtbank ‘s-Gravenhage
datum uitspraak:
01 / 12 / 2011
rolnummer:
403913 / KG ZA 11-1135

domeinnaam:
boerenleen.nl e.a.
eiser(es):
Coöperatieve Centrale Raiffeisen-Boerenleenbank B.A.
verweerder:
Boerenleen B.V.
categorie:
Domeinnamen
dossier(s):
Handelsnaam
domjur nummer:
2012-795
publicatie datum:
03 / 01 / 2012
Download volledige uitspraak

Samenvatting uitspraak

Eiser is de Rabobank, rechthebbende op de domeinnamen boerenleenbank.nl en boerenleenbank.com die beide doorverwijzen naar rabobank.nl. Gedaagde, Boerenleen B.V., houdt zich bezig met financiële dienstverlening en heeft diverse domeinnamen geregistreerd met de bestanddelen “boerenleen”, “boerenleenbank” en “boerleenbv”. Eiseres vordert dat gedaagde ieder gebruik van de aanduiding Boerenleen en van de domeinnamen met het bestanddeel Boerenleen(bank) voor financiële dienstverlening en soortgelijke diensten staakt en gestaakt houdt.

De voorzieningenrechter constateert dat de Handelsnaamwet niet de eis stelt dat een handelsnaam onderscheidend vermogen heeft. In beginsel kan iedere aanduiding voor bescherming in aanmerking komen. Volgens vaste rechtspraak wordt de grens van de bescherming van beschrijvende handelsnamen bereikt als de gevraagde bescherming zou leiden tot monopolisering van algemeen beschrijvende woorden, zodanig dat anderen die niet meer zouden kunnen gebruiken als aanduiding van hun onderneming. Dit mag er echter niet toe leiden dat door het gebruik van de beschrijvende aanduiding zodanige gelijkenis met de oudere handelsnaam ontstaat dat gevaar voor verwarring bij het relevante publiek ontstaat (vgl. Hof Amsterdam 13 juli 2010, B9 9106).

Dat ‘boerenleen’ een beschrijvende aanduiding zou zijn voor de bedrijfsactiviteiten van gedaagde wordt verworpen. Op dit moment bestaan de bedrijfsactiviteiten van gedaagde uitsluitend uit het aanbieden van niet-verhandelbare obligaties en bestaat er voor gedaagde geen noodzaak om voor deze bedrijfsactiviteiten juist de aanduiding Boerenleen te gebruiken. Ook indien gedaagde later wel leningen zou gaan verstrekken aan boeren kan hij een andere niet verwarringwekkende handelsnaam kiezen. De voorzieningenrechter is bovendien van oordeel dat de naam Boerenleenbank als handelsnaam van eiseres en de coöperatieve banken inmiddels (aanzienlijk) onderscheidend vermogen heeft gekregen. Het staat vast dat eiseres de handelsnaam intensief en langdurig heeft gevoerd en onder die naam nog steeds bekendheid geniet bij het publiek. Dit laatste betekent dat ook al gebruikt eiser de handelsnaam niet meer, de handelsnaam toch beschermd wordt door artikel 5 Handelsnaamwet, teneinde verwarring te voorkomen.

Gelet op de geringe mate waarin de handelsnaam “Boerenleen” afwijkt van de handelsnaam “Boerenleenbank”, en voorts gelet op de overeenstemmende bedrijfsactiviteiten van beide ondernemingen (financiële dienstverlening) en dat beide zich richten op zowel (vermogende) particulieren als ondernemingen in heel Nederland, is voorshands aannemelijk dat verwarring is te duchten bij het relevante publiek. De voorzieningenrechter oordeelt dat gedaagde door het gebruik van de handelsnaam Boerenleen en de domeinnamen met het bestanddeel Boerenleen onrechtmatig handelt jegens eiseres.

De voorzieningenrechter beveelt gedaagde ieder gebruik van de aanduiding Boerenleen en van domeinnamen met het bestanddeel Boerenleen of Boerenleenbank voor financiële dienstverlening te staken en gestaakt te houden.