Om uw bezoek aan onze website te vergemakkelijken en informatie te kunnen verzamelen die ons helpt om de website nog beter op uw wensen af te stemmen maken wij gebruik van cookies. Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig.

Zoek een uitspraak

Floortje Smit c.s. - verweerder

Procedure:
kort geding
Instantie:
Rechtbank Arnhem, voorzieningenrechter
Datum uitspraak:
09-03-2006
Rolnummer:
137520 / KG ZA 06-121
LJN/ECLI:
Domeinnaam:
www.elleneeftink.nl, www.floortjesmit.nl www.christonkloosterboer.nl en www.aaronayal.nl
Eiser(es):
Floortje Smit, c.s.
Verweerder:
verweerder
Resultaat procedure:
Uitspraakcategorieën:
Domeinnamen
Dossiers:
Persoonsnaam, Merk, Bekende Nederlanders
Domjur-nummer:
2006-253
Publicatiedatum:
14-03-2006
Kern:

Samenvatting

Eisers Smit c.s. zijn bekend geworden als kandidaat in het televisieprogramma "Idols". Gedaagde Hoffs heeft een eenmanszaak waarin hij zich bezighoudt met onder meer het registreren van domeinnamen en het maken en verzorgen van websites. Gedaagde heeft op 20 november 2005 de domeinnaam www.elleneeftink.nl en op 26 november 2005 de domeinnaam www.floortjesmit.nl laten registreren. Eiseres Floortje Smit heeft op 18 januari 2006 haar volledige naam als woordmerk voor de Benelux doen registreren. Op 24 februari 2006 heeft eiseres Ellen Eeftink dit ook laten doen. Volgens eisers handelt gedaagde jegens hen onrechtmatig doordat hij ex artikel 1:8 BW inbreuk maakt op hun persoonsnamen en tevens in strijd handelt met de zorgvuldigheid die in het maatschappelijk verkeer ten opzichte van een persoon of goed betaamt. De voorzieningenrechter oordeelt dat gedaagde met het voornemen een fansite van de winnaar van het programma Idols op te zetten, eventueel met een link naar de website van Floortje of Ellen, niet de schijn wil en zal wekken "die ander te zijn, dan wel tot diens geslacht of gezin te behoren" en dat het handelen van gedaagde dan ook niet op grond van artikel 1:8 BW onrechtmatig is. Op de vraag of het gebruik van hun persoonsnamen in strijd is met de maatschappelijke zorgvuldigheid antwoordt de voorzieningenrechter dat als uitgangspunt de regel heeft te gelden dat "wie het eerst komt, het eerst maalt” en dat de enkele blokkerende werking die van een registratie uitgaat op zich nog geen onrechtmatigheid oplevert (Hof Den Haag van 31 januari 2002 - Zumpolle/Scarabeo). Om een registratie onrechtmatig te doen zijn, zijn er aanvullende omstandigheden nodig zoals wanneer het gebruik van een domeinnaam inbreuk maakt op een merkrecht. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is er sprake van een dergelijke inbreuk, omdat gedaagde het merkteken van eiseressen gebruikt in de door hem gebruikte en geregistreerde domeinnamen en er een reële mogelijkheid bestaat dat gebruikers van het internet die de website van de door hen gezochte personen proberen te bereiken de naam van deze personen met het achtervoegsel ".nl" intypen. Er is sprake van een reëel gevaar van verwarring. Hierdoor wordt afbreuk gedaan aan het onderscheidend vermogen van het merk en er bestaat een reële kans dat de reputatie van het merk van eiseressen schade ondervindt van de inhoud van de website van gedaagde waarop zij geen enkele invloed kunnen uitoefenen. Op de vraag of de houder van een jonger merk wel kan optreden tegen een oudere domeinnaam, antwoordt de voorzieningenrechter dat mede van belang is in hoeverre gedaagde reeds voorafgaande aan het merkdepot daadwerkelijk gebruik heeft gemaakt van de geregistreerde domeinen en voor welk doel hij de domeinen heeft ingericht. Omdat gedaagde de domeinnamen nog op geen enkele wijze heeft gebruikt, heeft hij geen recht verkregen waarvoor de later gedeponeerde merken zouden moeten wijken. Daarnaast is de voorzieningenrechter vooralsnog van oordeel dat gedaagde geen enkele overtuigende of geldige reden heeft aangevoerd of de noodzaak heeft aangetoond van het registreren van juist deze domeinnamen voor het door hem beoogde doel: het opzetten van een fansite voor mogelijk één van de eisers. De eisers zullen door hun deelname aan Idols in ieder geval in Nederland bekende persoonlijkheden zijn geworden. Het is daardoor voldoende aannemelijk geworden dat hun namen inmiddels bekende (merk)namen zijn en dat zij met het registreren daarvan als woordmerk een gerechtvaardigd doel nastreven. Het merkrecht van eisers wordt sterker geacht dan het domeinnaamrecht van gedaagde.


Terug