Om uw bezoek aan onze website te vergemakkelijken en informatie te kunnen verzamelen die ons helpt om de website nog beter op uw wensen af te stemmen maken wij gebruik van cookies. Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig.

Zoek een uitspraak

FTD – Eyeworks Film & TV Drama

Procedure:
hoger beroep
Instantie:
Gerechtshof ’s-Gravenhage
Datum uitspraak:
14-11-2010
Rolnummer:
200.069.970/01
LJN/ECLI:
Domeinnaam:
n.v.t.
Eiser(es):
FTD B.V.
Verweerder:
Eyeworks Film & TV Drama B.V.
Resultaat procedure:
Uitspraakcategorieën:
Notice-and-Take-Down
Dossiers:
Domjur-nummer:
Publicatiedatum:
23-02-2012
Kern:

Samenvatting

Appellant, FTD B.V., biedt een applicatie aan waarmee gebruikers eenvoudig bestanden op Usenet kunnen vinden en downloaden. Geïntimeerde is Eyeworks Film & TV Drama, producent van de film “Komt een vrouw bij de dokter”. Via de FTD Applicatie werd genoemde film vrijwel onmiddellijk nadat deze te koop en te huur werd aangeboden, veelvuldig gedownload. De voorzieningenrechter heeft op 11 mei 2010 FTD bevolen de inbreuk op de auteursrechten van Eyeworks te staken en gestaakt te houden en heeft op 2 juni 2010 bevolen dat het bevel in stand blijft. FTD is tegen deze laatste beschikking in hoger beroep gegaan.

Het hof stelt vast dat de technische uitwisselingen via Usenet buiten FTD om plaatsvinden. Het downloaden van op Usenet geposte films is ook zonder de FTD-applicatie mogelijk. Wel maakt FTD met de introductie van het ‘spot’-systeem het downloaden (aanzienlijk) makkelijker.

Op grond van de Auteursrechtrichtlijn (ARI), artikel 3 lid 1, kan worden gesproken over ‘het mededelingsrecht in ruime zin’. Dit recht bestaat uit a) het recht om het werk aan het publiek mede te delen (het mededelingsrecht in enge zin: de doorgifte van een signaal bevattend het werk, dat het publiek bereikt); en b) het recht om het (signaal bevattend het) werk in zodanige mate aan het publiek ter beschikking te stellen dat het voor de leden van het publiek toegankelijk is (het beschikbaarstellingsrecht). Op het FTD-platform zijn geen bestanden aanwezig en via de infrastructuur van FTD gaan er geen signalen. FTD schendt daarmee het mededelingsrecht in enge zin niet. Ook het beschikbaarstellingsrecht wordt door FTD niet geschonden, omdat gebruikers met de FTD-applicatie alleen nog geen films kunnen downloaden en dat dus niet kan worden gesteld dat FTD de film ter beschikking stelt. Het hof merkt op dat zowel de ARI als de Auteurswet niet het begrip ‘mede-openbaarmaking’ kennen. FTD heeft dus niet het openbaarmakingsrecht geschonden.

Het hof is van mening dat de stelling, o.g.v. artikel 26d Aw, dat FTD is te beschouwen als een tussenpersoon wiens dienst (de FTD-applicatie) door derden is gebruikt om inbreuk op het auteursrecht van Eyeworks te maken evenmin slaagt. FTD doet met succes een beroep op de thuiskopie-exceptie. Artikel 5 lid 2 sub b ARI (op grond waarvan de lidstaten de thuiskopie als beperking op het reproductierecht mogen stellen) maakt zelf geen onderscheid naar de bron waaruit het te kopiëren werk wordt verkregen. Ook in artikel 16c e.v. Aw is niets bepaald over de al dan niet toelaatbaarheid van reproduceren uit illegale bron. Uit uitspraken van de Nederlandse regering valt af te leiden dat kopiëren uit illegale bron is toegestaan omdat dit onder artikel 16c lid 1 daarvan valt. Er kan dan ook alleen sprake zijn van strijdigheid met de ARl wanneer het toepassen van de beperking van artikel 5 lid 2 sub b ARl op downloaden uit illegale bron in strijd moet worden geacht met de in artikel 5 lid 5 ARl opgenomen drie-stappen-toets. Het hof stelt vast dat dit niet het geval is omdat het denkbaar is dat die toets een concrete afweging van alle betrokken omstandigheden vergt, waaronder de omstandigheid dat een verbod op downloaden uit illegale bron op dit moment (nog) niet te handhaven is en de rechthebbenden daarom beter af zijn wanneer het downloaden uit illegale bron is toegestaan.

Wel slaagt de stelling dat FTD onrechtmatig handelt tegenover Eyworks. Het hof stelt vast dat FTD structureel/stelselmatig en doelbewust een applicatie in bedrijf houdt waardoor een activiteit (te weten illegaal uploaden) wordt gestimuleerd die, naar zij weet of moet weten, inbreuk op het auteursrecht van Eyeworks oplevert en (ernstig) nadeel voor Eyeworks teweegbrengt, terwijl zij, FTD, zelf van die activiteit profijt trekt. FTD heeft daarmee gehandeld in strijd met de zorgvuldigheid die zij jegens Eyeworks in acht heeft te nemen. De vordering op de voet van artikel 6:162 BW is daarom toewijsbaar.

Het hof vernietigt het vonnis van 2 juni 2010 en gebiedt FTD het aanwezig hebben van spots voor Eyeworks’ film via haar FTD-applicatie te staken en gestaakt te houden.


Terug