Om uw bezoek aan onze website te vergemakkelijken en informatie te kunnen verzamelen die ons helpt om de website nog beter op uw wensen af te stemmen maken wij gebruik van cookies. Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig.

Zoek een uitspraak

Kaltenbach – Gietart

Procedure:
bodemprocedure
Instantie:
Rechtbank ‘s-Gravenhage
Datum uitspraak:
16-10-2012
Rolnummer:
408895 / HA ZA 11-2810
LJN/ECLI:
Domeinnaam:
diverse domeinnamen
Eiser(es):
Kaltenbach Shotblast and Painting Systems B.V.,
Verweerder:
Gietart Middle East FZCO
Resultaat procedure:
Uitspraakcategorieën:
Domeinnamen
Dossiers:
Merk, Procesrecht
Domjur-nummer:
Publicatiedatum:
27-11-2012
Kern:

Samenvatting

Eiser is Kaltenbach SPS, een dochter van het Duitse moederbedrijf Kaltenbach Beteiligungsgesellschaft mbH dat zich bezighoudt met de vervaardiging en verkoop van metaalbe- en verwerkingsinstallaties. Gedaagde is Gietart ME, opgericht om de verkoop van producten van Gietart Machinefabriek B.V. in het Midden-Oosten te stimuleren. Voor het faillissement van Gietart Machinefabriek heeft er overleg plaatsgevonden met eiseres met betrekking tot een overname van Gietart Machinefabriek. Dit heeft tot niets geleid. Na het faillissement is een activa-overeenkomst gesloten tussen Kaltenbach SPS en de curator in het faillissement van Gietart Machinefabriek. Aan eiseres zijn onder andere de intellectuele eigendomsrechten, waaronder handelsnamen, merknamen en de technische tekeningen verkocht. Eiseres is rechthebbende op het Benelux woord-/beeldmerk met het element GIETART. Bora Borgh is een onderneming die wordt voorgezet onder de naam Gietart ME (gedaagde).

Gedaagde heeft een aanvraag ingediend voor het gemeenschapsmerk GIETART. Tegen deze registratie is eiseres een procedure gestart bij het Bureau voor de Harmonisatie van de Interne Markt (hierna: BHIM). Verzocht is dit Gemeenschapsmerk nietig te verklaren in verband met kwade trouw van de aanvrager bij de aanvrage dan wel in verband met het bestaan van oudere (merk)rechten. In deze procedure vordert eiseres dat gedaagde bevolen wordt ieder gebruik van het merk GIETART te staken en gestaakt te houden evenals ieder gebruik van de handels- en/of domeinnaam Gietart en daarmee op verwarringwekkende wijze overeenstemmende handels- en/of domeinnamen. In reconventie beroept gedaagde zich op (de rangorde van) haar Gemeenschapsmerk en vordert zij in verband daarmee een verbod en doorhaling van de Benelux-merken van eiseres.

Artikel 104 lid 1 GMVo bepaalt dat, indien bij een rechtbank voor het Gemeenschapsmerk met betrekking tot een Gemeenschapsmerk een inbreukverbod is ingesteld en bij het BHIM al een vordering tot vervallen- of nietigverklaring van het desbetreffende Gemeenschapsmerk is ingesteld, de rechtbank ambtshalve, de partijen gehoord, de procedure schorst, tenzij er bijzondere redenen zijn om de behandeling voort te zetten. De rechtbank overweegt dat voor de beoordeling van zowel de vorderingen in conventie als die in reconventie, de uitkomst van de reeds aanhangige procedure over de geldigheid van het Gemeenschapsmerk van Gietart ME van belang is.

De rechtbank schorst de procedure en houdt iedere beslissing aan in afwachting van een oordeel van het BHIM over het gemeenschapsmerk van Gietart.


Terug