Om uw bezoek aan onze website te vergemakkelijken en informatie te kunnen verzamelen die ons helpt om de website nog beter op uw wensen af te stemmen maken wij gebruik van cookies. Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig.

Zoek een uitspraak

[persoonsnaam] / Gemeente Haaksbergen - Plazaprojects B.V.

Procedure:
kort geding
Instantie:
Rechtbank Overijsel
Datum uitspraak:
15-04-2013
Rolnummer:
C/08/136097 / KG ZA 13-61
LJN/ECLI:
Domeinnaam:
haaksbergenplaza.nl
Eiser(es):
[persoonsnaam]/Gemeente Haaksbergen
Verweerder:
Plazaprojects B.V.
Resultaat procedure:
Uitspraakcategorieën:
Notice-and-Take-Down
Dossiers:
Domjur-nummer:
Publicatiedatum:
22-05-2013
Kern:

Samenvatting

Eiseressen zijn [persoonsnaam] en de publiekrechtelijke rechtspersoon Gemeente Haaksbergen. Gedaagden zijn Plazaprojects B.V. en VH Investments B.V. VH Investments is houder van de domeinnaam haaksbergenplaza.nl. Op de aan deze domeinnaam gekoppelde website is een artikel geplaatst, getiteld ‘’[persoonsnaam]; meesteres in de handhaving’’, Tevens is bijgevoegd een afbeelding waarop het gelaat van [persoonsnaam] te zien is. [persoonsnaam] is op deze afbeelding gekleed in een strak latexpakje, met diep uitgesneden decolleté en is bovendien voorzien van een zweepje. Eiseressen vorderen – uitvoerbaar bij voorraad- een verbod op iedere openbaarmaking en/of verveelvoudiging van zowel het artikel als de afbeelding en een verbod om enige mededeling omtrent het artikel en het daaruit voortvloeiende geschil openbaar te maken. Gedaagden voorts te bevelen tot verstrekking van de NAW- gegevens van de opsteller/aangever van de publicatie over te gaan, al het voorstaande op straffe van verbeurte van een dwangsom, alsmede gedaagden hoofdelijk te veroordelen tot betaling van voorschotten op de door eiseressen geleden schade. Eiseressen leggen aan hun vordering een beroep op artikel 6:196c Bw jo. 6:162 Bw jo. 21 Aw ten grondslag.

De voorzieningenrechter oordeelt naar voorlopig oordeel dat doordat gedaagden de publicatie op de website van haaksbergenplaza hebben geplaatst, sprake is van zelfstandige openbaarmaking. Dat gedaagden de publicatie niet zelf hebben vervaardigd, maakt dit niet anders nu gedaagden verantwoordelijk zijn voor hetgeen op de website wordt geplaatst, ook al worden die geplaatst door derden. Gedaagden bieden hiervoor immers de gelegenheid en voeren de eindredactie van de website.De voorzieningenrechter oordeelt tevens naar voorlopig oordeel dat het gevorderde ten aanzien van het geschreven artikel een beperking op artikel 10 EVRM vormt. Artikel 10 EVRM kan slechts beperkt worden indien de beperking bij wet is voorzien en in een democratische samenleving noodzakelijk is, bijvoorbeeld ter bescherming van de rechten van anderen. Van een beperking bij wet voorzien, is sprake wanneer de uitlatingen op de website onrechtmatig zijn in de zin van artikel 6:162 Bw. Voor het antwoord op de vraag of hier sprake van is moeten de wederzijdse belangen worden afgewogen. Gedaagden hebben belang bij het uiten van hun mening, terwijl het belang van [persoonsnaam] er in is gelegen niet lichtvaardig te worden blootgesteld aan een inbreuk op haar persoonlijke levenssfeer. Welke van deze belangen de doorslag behoort te geven is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Omstandigheden zoals; 1) staving van de gewraakte publicatie met feitenmateriaal door eiseressen 2) of degene over wie wordt gepubliceerd een publiek persoon is en op welk terrein die persoon zelf de publiciteit zoekt of terughoudender is 3) de aard van de publicatie speelt daarbij een rol. De voorzieningenrechter stelt vast dat er in de gewraakte publicatie geen misstanden aan de kaak worden gesteld die anders niet bekend zouden zijn geworden. Evenmin wordt door deze publicatie het publiek debat over een belangrijke kwestie geopend. Het artikel is echter op een website geplaatst waar op een openlijk forum wordt beoogd dat in een debat  het vermeende wanbeleid van de gemeente aan de kaak wordt gesteld. Daarboven geldt dat het artikel zelf geen seksueel getinte uitlatingen suggereert, dan wel anderszins kwaadluidende uitlatingen omtrent het functioneren van [persoonsnaam] bevat. Uitlatingen, zoals dat er bij de gemeente traag gewerkt wordt of dat de gemeente louter volgzame medewerkers wenst te hebben, dienen niet als onaanvaardbaar gezien te worden, mede vanwege het feit dat een oplettende lezer de satirische bedoeling van de schrijver zal doorzien. Geen onrechtmatigheid van de publicist en gedaagden kan worden aangenomen, de vrijheid van meningsuiting weegt in casu zwaarder.

Omtrent de gemanipuleerde foto bepaalt de voorzieningenrechter het volgende:op grond van artikel 21 Aw is openbaarmaking van een portret niet geoorloofd voor zover een redelijk belang van de geportretteerde zich tegen deze openbaarmaking verzet, indien het portret is gemaakt zonder een daartoe strekkende opdracht van geportretteerde. Onder redelijk belang van artikel 21 Aw valt de bescherming van de persoonlijke levenssfeer. De belangen van gedaagden zijn samen te vatten in het recht op de vrijheid van meningsuiting. De voorzieningenrechter oordeelt dat mede gelet op de titel ‘’meesteres in de handhaving’’ het SM-karakter hier gegeven is en zodoende grievend is voor [persoonsnaam]. Een verbod tot openbaarmaking wordt toegewezen. Verstrekking van de NAW-gegevens van de anonieme publicist wordt afgewezen aangezien eiseressen hebben nagelaten dit belang te concretiseren. Ten slotte wordt schadevergoeding toegekend aan [persoonsnaam] maar niet aan de Gemeente omdat onvoldoende aannemelijk is dat gemeente immateriële schade heeft geleden.


Terug