Om uw bezoek aan onze website te vergemakkelijken en informatie te kunnen verzamelen die ons helpt om de website nog beter op uw wensen af te stemmen maken wij gebruik van cookies. Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig.

Zoek een uitspraak

Simpel.nl - Websend B.V.

Procedure:
kort geding
Instantie:
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak:
09-01-2017
Rolnummer:
C/13/619533 / KG ZA 16-1422 CB/MB
LJN/ECLI:
ECLI:NL:RBAMS:2017:69
Domeinnaam:
www.sim.nl
Eiser(es):
Simpel.nl
Verweerder:
Websend B.V.
Resultaat procedure:
De vordering wordt afgewezen
Uitspraakcategorieën:
Domeinnamen
Dossiers:
Merk, Handelsnaam
Domjur-nummer:
2017-1233
Publicatiedatum:
13-03-2017
Kern:

Hoewel de handelsnaam en het merk Simpel.nl en de handelsnaam sim.nl slechts gering afwijken, is geen verwarring bij het publiek te duchten. De aard van de ondernemingen is niet hetzelfde en het publiek is een gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende gewone consument die weloverwogen een product aanschaft. Simpel.nl heeft geen alleenrecht op het woord ‘sim’. Het is beschrijvend en meerdere telefoonaanbieders gebruiken ‘sim’ ter aanduiding van hun onderneming.

Samenvatting

Eiseres is simpel.nl en biedt in Nederland (mobiele) telefonie- en internet abonnementen aan, waaronder zogenoemde ‘sim-only’abonnementen. Eiser is sinds 2002 houdster van de domeinnaam www.simpel.nl, en sinds 2007 houder van het woordmerk Simpel. Sinds 2014 is Eiser bij de KvK ingeschreven met de handelsnamen simpel.nl en Simpel. Voor 2014 handelde zij onder vlag van T-Mobile Nederland.

Gedaagde is Websend en gebruikt sinds februari 2016 de handelsnaam Sim.nl en is houdster van de domeinnaam www.sim.nl. De onderneming is in 2000 gestart en richt zich op bemiddeling bij verkoop van telefoonabonnementen. Consumenten kunnen op de website van gedaagde telefoonabonnementen van verschillende providers vergelijken en via links op de website bestellen. Eiser vordert verbod op het gebruik van de handelsnaam sim.nl, de domeinnamen en het logo. Daarnaast vordert Eiser dat verweerder gedurende zes maanden een tekst op de website plaatst waaruit blijkt dat Gedaagde op geen enkele manier verbonden is aan Eiser.

De voorzieningenrechter oordeelt dat alleen inbreuk op een oudere handelsnaam kan zijn als bedoeld in art. 5 Hnw indien de jongere handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt van de oudere. De namen van beide ondernemingen zijn niet gelijk aan elkaar en ‘sim’ wijkt af van ‘simpel’, niet alleen vanwege een verschil in lettergrepen, maar ook in betekenis. Toch oordeelt de voorzieningenrechter dat de handelsnamen slechts in geringe mate afwijken, aangezien in beide benamingen visueel en auditief een grote mate van overeenstemming bestaat.

Vervolgens gaat de voorzieningenrechter in op de vraag of verwarring te duchten is bij het publiek. Beide ondernemingen zijn in Nederland gevestigd, handelen voornamelijk via het internet en hebben in heel Nederland klanten. Beide partijen handelen in dezelfde branche, maar ondernemen niet dezelfde activiteiten. Simpel.nl is aanbieder van diensten en Websend een bemiddelaar. Alhoewel Simpel.nl haar merk ook heeft ingeschreven voor bemiddeling bij verkoop van telefoontoestellen en telefoonabonnementen, is niet aannemelijk geworden dat zij die diensten ook verleend. Simpel.nl kan geen alleenrecht claimen op het gebruik van het woord ‘sim’ nu dit een beschrijvende term is. Daarnaast gebruiken meerdere telefoonaanbieders het woord ‘sim’ in de aanduiding van hun onderneming (bijv. belsimpel.nl). Onderscheidend vermogen is geen vereiste voor de geldigheid van een handelsnaam, maar een gebrek hieraan speelt wel een rol bij de beoordeling of verwarring te duchten is.

t.a.v. het publiek waarop de ondernemingen zijn gericht, gaat het om de gewone consument, waarbij kan worden aangenomen dat dit een gemiddeld geïnformeerde, omzichtige en oplettende gewone consument is. Het is aannemelijk dat bij dit publiek minder snel verwarringsgevaar zal optreden, aangezien het gaat om consumenten die weloverwogen een product aanschaffen.

De voorzieningenrechter oordeelt dat het niet aannemelijk is dat er sprake is van verwarringsgevaar in de zin van de Hnw bij het relevante publiek.

Om bovengenoemde redenen is er ook geen sprake van merkinbreuk op grond van artikel 2:20 lid 1 onder b BVIE: geen verwarring, geen overeenstemming.

Het gevorderde wordt afgewezen.


Terug