Om uw bezoek aan onze website te vergemakkelijken en informatie te kunnen verzamelen die ons helpt om de website nog beter op uw wensen af te stemmen maken wij gebruik van cookies. Hiervoor hebben wij uw toestemming nodig.

Zoek een uitspraak

[X] - STREET ONE GmbH

Procedure:
hoger beroep
Instantie:
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak:
31-07-2018
Rolnummer:
HA ZA 13-1139
LJN/ECLI:
ECLI:NL:GHDHA:2018:1831
Domeinnaam:
streetone.nl
Eiser(es):
[X]
Verweerder:
STREET ONE GmbH
Resultaat procedure:
Bekrachtiging vonnis
Uitspraakcategorieën:
Domeinnamen
Dossiers:
Merk
Domjur-nummer:
2018-1317
Publicatiedatum:
27-03-2019
Kern:

Het domeinnaamhouderschap is geen absoluut recht, waarvan men eigenaar, bezitter of houder in zakenrechtelijke zin kan zijn. Een ‘goederenrechtelijk’ betoog faalt. Instemming voor registratie zorgt ervoor dat de nieuwe domeinnaamhouder ‘(beschikkings-)’bevoegd is om de domeinnaam over te dragen. Hierdoor geen sprake van wanprestatie of ongerechtvaardigde verrijking. Hof doet opnieuw recht over de hoogte van de kosten en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank voor het overige.

Samenvatting

Appellant is [X], handelend onder de naam van haar eenmanszaak. 

Geïntimeerde is STREET ONE GmbH, een onderneming welke internationaal actief is op het gebied van kleding. Zij houdt zich bezig met ontwerp, productie en verhandeling van kleding(accessoires) onder het merk Street One. Haar kleding wordt onder meer verhandeld door SO B.V. via de website <www.street-one.nl>. Geïntimeerde is houdster van een Uniewoord-/beeldmerk voor Street One (hierna: Merken). 

Appellante heeft enige tijd gehandeld als franchisenemer van SO B.V. en in die hoedanigheid was Appellante van 2010 tot 2011 houdster van de domeinnaam <streetone.nl> (hierna: Domeinnaam).

In 2011 heeft Appellante de Domeinnaam overgedragen aan Webapply.nl. De Domeinnaam is vervolgens in 2013, na een beslissing van de WIPO-Geschillenbeslechter en met instemming van Webapply, geregistreerd op naam van Geïntimeerde. Appellante betwist de geldigheid van die registratie en vordert nu onder meer dat zij de rechthebbende is op de Domeinnaam. De rechtbank heeft de vorderingen van Appellante afgewezen. 

In hoger beroep meent Appellante dat zij een goederenrechtelijk recht heeft behouden op de Domeinnaam ondanks het feit dat de Domeinnaam is geregistreerd op de naam van Geïntimeerde. Het hof stelt voorop dat dit ‘goederenrechtelijke’ betoog faalt nu deze niet zonder meer van toepassing is op een domeinnaam. Het domeinnaamhouderschap houdt geen absoluut recht in, waarvan men eigenaar, bezitter of houder in zakenrechtelijke zin kan zijn. Bovendien werd Webapply als domeinnaamhouder geregistreerd met bewuste instemming van Appellante. Webapply was bevoegd om de domeinnaamregistratie over te dragen en hierdoor kan er geen sprake zijn van een wanprestatie of ongerechtvaardigde verrijking. 

Appellante claimt rechthebbende te zijn omdat zij een gebruiksrecht zou hebben. Gebruik van de Domeinnaam is slechts mogelijk indien het hof van oordeel zou zijn dat de vordering tot overdracht toewijsbaar is. Het hof is echter van oordeel dat die vordering niet kan worden toegewezen. Bovendien was er in een tussentijdse regeling tussen Appellante en SO B.V. al bepaald dat Appellante geen gebruik meer zou maken van de Merken na beëindiging van de franchiseovereenkomst. Deze regeling tussen Appellante en SO B.V. niet kon worden geschonden door Geïntimeerde nu zij geen partij was bij die regeling. Kortom: Geïntimeerde kan zich dan ook tegen het gebruik van de Domeinnaam door Appellante verzetten door een beroep te doen op haar Merken. 

Tot slot doet het hof opnieuw recht over de hoogte van de kosten en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank voor het overige. 


Terug