Zoek een uitspraak

[X] v. [Y] & [Z]

Procedure:
bodemprocedure
Instantie:
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak:
22-05-2018
Rolnummer:
LJN/ECLI:
ECLI:NL:RBAMS:2018:3412
Domeinnaam:
Eten.nu
Eiser(es):
[X]
Verweerder:
[Y] & [Z]
Resultaat procedure:
vordering afgewezen
Uitspraakcategorieën:
Domeinnamen
Dossiers:
Contractuele geschillen
Domjur-nummer:
2018-1286
Publicatiedatum:
26-09-2018
Kern:

De vordering om overdracht van de domeinnaam wordt afgewezen. Gedaagde heeft voldoende gemotiveerd dat in 2010 naast de webhostings- ook de domeinbeheerovereenkomst is opgezegd.

Samenvatting

Eiser is [X], gedaagde zijn de besloten vennootschap [Y] en natuurlijk persoon [Z]. Eiser heeft in 2003 de domeinnaam eten.nu geregistreerd (hierna: Domeinnaam). Namens Eiser is vervolgens met Verweerder mondeling domeinbeheer- en webhostingwerkzaamheden voor de Domeinnaam overeengekomen.

In 2010 beëindigen partijen hun werkzaamheden, op 19 juni verzoekt Eiser aan Verweerder om de werkzaamheden te ‘suspenderen’. Op 15 juli en 4 augustus 2011 vraag Eiser aan Verweerder om de Domeinnaam over te dragen. Verweerder reageert dat de Domeinnaam al van Eiser is en dat er aan het verhuizen van de domeinnaam kosten verbonden zijn. Op enig moment in 2013 registreert Verweerder de Domeinnaam op zijn eenmanszaak. In 2016 vraagt Eiser weer om overdracht van de Domeinnaam. In januari 2017 openbaart Verweerder middels LinkedIn zijn plannen met de Domeinnaam. Er volgt in april 2017 een sommatie vanuit Eiser aan Verweerder om de Domeinnaam over te dragen. Verweerder voldoet niet aan deze sommatie.

Eiser vordert overdracht van de Domeinnaam.

In de beoordeling wordt eerst het onderscheid tussen de domeinnaambeheerovereenkomst en webhostingovereenkomst gemaakt. Vervolgens wordt geoordeeld dat in 2010 beide overeenkomsten zijn opgezegd, nu er na 2010 geen betalingen meer hebben plaatsgevonden van Eiser naar Verweerder. Ook komt Domeinnaam niet voor in het portaal zoals overhandigd door Eiser waarin alle domeinnamen zoals gehouden door Eiser zijn opgenomen. Enkel de omstandigheid dat Eiser geen bevestiging heeft gehad van opzegging van de overeenkomsten is niet voldoende om doorgang van deze overeenkomsten te laten plaatsvinden.

Hierdoor komt de rechtbank tot de conclusie dat er geen grondslag bestaat voor vordering van Eiser en wordt de vordering van Eiser afgewezen.

 


Terug